BVC-Targa-Team blijft ongeslagen in nationale titelstrijd!  

Voor de tweede keer in haar bestaan had het BVC-Targa-Team zich geplaatst voor het Nederlands Kampioenschap voor kaderteams. In 2023 wist het team een zeer knappe tweede plaats te veroveren te Doetinchem.

Na winst in de halve in Maasdam hadden de mannen van de BVC zich wederom gekwalificeerd voor de strijd om de nationale titel. Het kampioenschap werd op 30 en 31 mei 2026 gespeeld in het Limburgse Siebengewald. Op vrijdag reisden de teamgenoten en de meest trouwe supporter af naar het zuiden van het land. In Heijen werden de onderkomens betrokken en begonnen de voorbeschouwingen op de komende dagen. 

DOS uit Hattem werd gezien als de grootste kanshebber. Zij hadden dit seizoen ook al de bekercompetitie gewonnen. Voor hen was een dubbelslag mogelijk. De tweede kandidaat voor de titel was Deventer ’83, met Gert-Jan Veldhuizen als vaandeldrager van het team. Gert-Jan is een van de topbiljarters in ons land. De kansen voor het eigen Targa-Team en BCS uit Schagen werden min of meer als gelijkwaardig beschouwd.

De conclusie van de voorbeschouwing was: er wacht een zware strijd waarbij alles mee zou moeten zitten om de titel te pakken. Een oude wet uit de sport luidt: “wie meedoet maakt altijd kans op de winst.” De kadristen van de BVC namen zich voor om het van wedstrijd tot wedstrijd te benaderen. In ieder geval zouden zij hun beste beentje voorzetten.

Zaterdag: Prachtige eerste schermutselingen 

De warmte in het fraaie Limburg had ervoor gezorgd dat de nacht zeer plakkerig was verlopen. Niet iedere speler had de beoogde nachtrust tot zich kunnen nemen. Het goede ontbijt zorgde ervoor dat de mindere nachtrust werd vergeten en dat de strijdbaarheid terugkeerde. Op de eerste dag wordt een titelstrijd nooit beslist maar is wel een kwestie van aan- of afhaken.

De heren van het BVC-Targa-Team hadden een zware dag voor de boeg. Niet alleen speelden zij tegen gerenommeerde opponenten, het trotseren van de warmte in de biljartzaal was een extra uitdaging. Bij binnenkomst in de biljartzaal van biljartvereniging ABC ’t Töpke, gastheer van het kampioenschap, werden alle tegenstanders en arbiters begroet. Onder het genot van een kop koffie werd er bijgepraat en oude herinneringen opgehaald.

Zowel op zaterdag als op zondag speelden alle teams zes wedstrijden. Tegen elk team werden vier partijen gespeeld, waarna de stand werd opgemaakt. Zodra een match gespeeld was werd direct de volgende partij gestart. Om klokslag 10.00 uur ving de openingsronde aan met vier wedstrijden.

Marcel van Dijk, BVC-Targa-Team, kon zijn borst gelijk natmaken. Hij mocht openen tegen niemand minder dan Gert-Jan Veldhuizen, Deventer ’83. Wie Marcel een beetje kent weet dat hij zich geweldig kan opladen als het er echt op aankomt. Direct vanaf de acquitstoot was Marcel geconcentreerd en bij de les. Hij nam het initiatief in de partij, waardoor Gert-Jan in de achtervolging moest. In de 3e beurt had Marcel net een aantal caramboles gemaakt, toen plotseling de arbiter onwel werd.

Alle wedstrijden werden direct terecht stilgelegd. Het waren voor alle aanwezigen angstige minuten. De arbiter werd ter observatie meegenomen naar het ziekenhuis. Inmiddels is hij weer thuis. Een pak van het hart. Het arbiterskorps overlegde kort om de koers te bepalen. Zij maakten de keuze om het toernooi voort te zetten. Nadat de gemoederen waren bedaard werden de wedstrijden met een uur vertraging voortgezet.

De partij tussen Marcel en Gert-Jan was biljarttechnisch gezien van hoogstaand niveau. Marcel had weliswaar een voorsprong. Als geen ander wist hij dat Gert-Jan op elk moment in de wedstrijd kon toeslaan. Kader 57/1 is de moeilijkste variant van het kaderspel op de kleine tafel, maar Gert-Jan is ook in deze spelsoort ongekend sterk. Regelmatig maakt hij series van 100 of meer caramboles. 

Marcel was dus een gewaarschuwd mens. Het publiek genoot zichtbaar en hoorbaar. Bij mooie oplossingen werd instemmend op de tafel getikt. Bij een onverwachtse misser werden er diepe zuchten geslaakt. In beurt negen trakteerde Marcel het publiek op een serie van 114 caramboles en maakte hij de partij uit. De winst was nog niet binnen, want in de nabeurt vocht Gert-Jan voor wat hij waard was. Na 80 caramboles capituleerde hij. Het publiek applaudisseerde voor beide spelers. Het BVC-Targa-Team had de eerste twee wedstrijdpunten binnen. 

Op een andere tafel nam Alex Völker, BVC-Targa-Team, het op tegen Bernard Gorter, DOS. Alex speelde in deze wedstrijd ronduit sterk. Hij liet mooi seriewerk zien met als hoogtepunt een serie van 68 caramboles. In slechts 8 beurten trok hij de partij op overtuigende wijze naar zich toe. Zijn tegenstander concludeerde na afloop: “In de hele partij heb ik geen schijn van kans gehad. Alex wint dik verdiend.”  De winst betekende dat het BVC-Targa-Team wederom twee wedstrijdpunten kon bijschrijven.

In de volgende ronde stond Jim van der Starre tegenover Rob Kok, BCS. Beide spelers kennen elkaar vanuit de reguliere competitie. In deze partij kwamen de caramboles moeizaam tot stand. Het werd een marathonpartij waarbij de uitkomst onvoorspelbaar was. Het ene moment leek Jim aan het langste eind te trekken, het andere moment leek het Rob zijn kant op te rollen. Beide spelers wisten binnen de beurtenlimiet van 20 de partij niet te beëindigen. Na enig rekenwerk was het duidelijk dat Jim met lege handen bleef staan en dat Rob een wedstrijdpunt had verdiend.

De nederlaag van Jim verhoogde de druk bij Koen Workel, BVC-Targa-Team, in zijn partij tegen Cor van der Groep, DOS. Cor is een geslepen vos, die klappen van het kader 57/2 als geen ander kent. Al weken verkeerde Koen in een uitstekende vorm, dus de verwachtingen waren hoog gespannen. Normaliter kunnen beide spelers prachtige series maken. In het onderlinge gevecht was daar niet echt sprake van. Wel werd er in vrijwel iedere beurt gescoord waardoor het moyenne gewoonweg goed was. Na acht beurten maakte Cor de partij uit en in de nabeurt moest Koen het antwoord schuldig blijven. Koen was zwaar teleurgesteld na afloop van de partij. Hij gaf het als volgt weer: “De nederlaag komt hard aan. Ik beloof dat ik morgen uit een ander vaatje ga tappen. Hier help ik het team niet mee.”

Martin Guldemond, BVC-Targa-Team, bond op zaterdag de strijd aan met Sjors Petter, Deventer ’83. Sjors strooide Martin zand in de ogen door ogenschijnlijk nonchalant te spelen en ook geen last van spanning te vertonen. Martin nam met een serie van 35 caramboles het initiatief in de partij. Binnen de kortste keren had Sjors het tij gekeerd en was het Martin, die een gat moest zien te dichten. Martin deed er alles aan maar het mocht niet baten. In de tiende beurt maakte Sjors de partij uit. Wederom kon het BVC-Targa-Team geen wedstrijdpunten bijschrijven.

De laatste partij van de dag ging tussen Kees Kleibroek, BCS, en Marcel van Dijk. Deze heren hebben in de afgelopen jaren vele onderlinge duels met elkaar uitgevochten. De ene keer won Marcel, de andere keer ging Kees met de eer strijken. Voor beide teams was het belangrijk op deze laatste wedstrijd van de dag winnend af te sluiten. Een tweede partij neo-kader op een dag spelen is geen sinecure. Zowel Marcel als Kees hadden er al een partij opzitten. In de aanvangsfase van de wedstrijd hadden ze moeite om in de wedstrijd te komen. De caramboles kwamen maar mondjesmaat. Later in de partij lieten de mannen zien het spelletje nog steeds goed te beheersen en werd het een echt gevecht. Het was uiteindelijk Marcel die de broodnodige winst wist te pakken. Een zucht van opluchting klonk bij zijn teamgenoten.

Nog volop in de strijd

Het BVC-Targa-Team had aan het einde van de dag drie overwinningen geboekt en drie keer verloren. Uit de tussenstand bleek dat het team samen met DOS en Deventer ’83 nog kans maakte op de titel. BCS uit Schagen bleek met een wedstrijdpunt te zijn afgehaakt. In de avonduren werd tijdens het diner en later in de tuin het strijdplan gemaakt voor de allesbeslissende zondag. 

 Zondag: Spanning tot de laatste partijen

Bij binnenkomst in de biljartzaal was het rumoeriger dan de dag ervoor. Bijna alle spelers waren bezig met het terugblikken op de vorige speeldag en het bespiegelen van de komende partijen. Bovendien was de publieke belangstelling groter dan de zaterdag. Vanuit Castricum werden Willem Schermer en Hans Molenaar begroet.

Zoals altijd, vooruitblikken is een leuke bezigheid voor onder de koffie, maar de echte eindstrijd vindt plaats op de groene tafels. De temperatuur buiten was enigszins gezakt maar binnen steeg de temperatuur door de spanning tot tropische waarden. Alle teams hadden nog zes belangrijke wedstrijden te gaan.

Koen Workel beet op zondag de spits af voor het BVC-Targa-Team. Door zijn nederlaag op zaterdag stond hij getergd aan de start voor zijn partij tegen Roger Schinning, Deventer ’83. Koen liet meteen zien dat hij vandaag inderdaad uit een heel ander vaatje tapte. Onder het toeziend oog van zijn zeer meelevende schoonmoeder gaf hij Roger geen schijn van kans. Met veel gevoel en finesse maakte Koen in slechts zeven beurten de partij uit. De revanche voor het eerdere verlies was binnen. Opgelucht zei hij na afloop: “Kijk zo hoort het. Het team kan twee belangrijke wedstrijdpunten bijschrijven.” 

Alex Völker speelde tegelijkertijd met Koen op een andere tafel. Zijn opponent Aart de Laak had hij op zaterdag uitgebreid bestudeerd. Aart liet in zijn matches zien, zeker niet vies te zijn van een zeer verdedigende tactiek. Bij een gerede kans op het missen van de carambole, was zijn belangrijkste zorg niets achter te laten voor zijn tegenspeler. Een tactiek die hem overigens geen windeieren legt. Hij won in de competitie bijna al zijn partijen in 14 tot 15 beurten. En ook in titelstrijd had Aart nog niet verloren. Voor Alex is een defensief spelende kadrist een echte angstgegner.

Deze ingeburgerde Duitse sportterm bleek in Siebengewald voor Alex meer dan waarheid. Geheel volgens plan ging Alex furieus van start met een gedegen serie van 47 caramboles. Alex hoopte dat zijn openingsserie extra nervositeit bij zijn opponent teweeg zou brengen. Hij kwam bedrogen uit want Aart vertrok geen spier. Stoïcijns met nog meer oog voor de verdediging vocht hij zich terug in de partij. Lange tijd ging het gelijk op maar de speelwijze van Aart, regelmatig produceren en verdediging niet uit het oog verliezen, sloopte het geloof bij Alex op een goede afloop. Na 16 beurten werd Alex uit zijn lijden verlost en pakte Aart de felbegeerde twee wedstrijdpunten. “Een zeer lastige tegenstander, die er eerlijk vooruitkomt dat winnen belangrijker is dan mooi spelen. Ja en ik laat het na de eerste beurt liggen,” aldus een zwaar teleurgestelde Alex. 

Martin Guldemond had in zijn eerste wedstrijd op zondag een zware klus te klaren. Tegenstander Peter Gnodde, DOS, verkeerde al lange tijd in topvorm. De man uit Urk is een fraai spelende kadrist, die nog elk seizoen vorderingen maakt. Peter legde Martin direct vanaf het begin op de pijnbank, door te openen met een serie van 57 caramboles. Martin, altijd strijdbaar, liet zich hierdoor niet uit het lood slaan. Hij vocht zich met een serie van 44 caramboles terug in de wedstrijd.

Het knappe antwoord van Martin prikkelde Peter blijkbaar, want hij nam opnieuw afstand met een serie van 79 caramboles. Martin stroopte de mouwen op en kwam wederom terug in de wedstrijd. In de 8e beurt finishte Peter met een moyenne van 25,00. Martin had nog de nabeurt en moest nog 38 caramboles maken om remise te spelen. Ogenschijnlijk onverstoorbaar ging hij zeer geconcentreerd de strijd aan. Het publiek hield de adem in, want de lange man uit Heemskerk was goed op weg. Een ongelukkige klos zorgde ervoor dat hij op 18 caramboles van het einde bleef steken. Teamgenoot Jim van der Starre zei het mooi: “Martin je kan jezelf niets verwijten. Je hebt gestreden voor wat je waard was en dat was veel maar net niet genoeg.”

Ondanks de nederlagen van Alex en Martin was het BVC-Targa-Team zeker nog niet kansloos. In de onderlinge partijen tegen DOS en Deventer ’83 had het team een minieme voorsprong. De laatste drie partijen zouden allesbeslissend zijn. 

Marcel van Dijk stond in zijn laatste partij van het toernooi tegenover de zeer ervaren Geurt Veer, DOS. Op voorhand dacht iedereen in de zaal dat het een zeer spannende partij zou worden en men ging er recht voorzitten. Marcel had niet alleen zijn keu meegenomen maar ook een mattenklopper. Geurt verloor deze partij niet, hij kreeg een ongekend pak op de broek. Grootmeester Van Dijk liet even zien hoe neo-kader moet worden gespeeld. In slechts zes beurten, met een slotserie van 139 caramboles en een moyenne van 33,33 maakte hij de partij uit. Gedesillusioneerd borg Geurt zijn keu op in zijn foedraal. Hij had het gevoel dat er een wals over hem heen was gegaan want een luttele 16 caramboles waren hem gegund. 

Koen Workel wist dat hij tegen Pieter van der Geest, BCS, geen steek mocht laten vallen. In de beginfase van de partij was duidelijk waarneembaar dat deze extra druk Koen parten speelde. Geen fouten willen maken had een tegenovergesteld effect. Ballen gingen net mis. In het vervolg wist hij zijn innerlijke rust terug te vinden en na elf beurten had hij zijn benodigde 180 caramboles. Pieter liet in de nabeurt nog mooi kaderspel zien maar strandde uiteindelijk op 159 caramboles. 

Martin Guldemond stond in zijn slotgevecht tegenover Joop Roelands, BCS. Joop en Martin zijn geen onbekenden voor elkaar. Al vele jaren komen zij elkaar tegen in de competitie. Martin gaf voor de wedstrijd aan: “Joop is voor mij altijd een hele lastige tegenstander, die nooit opgeeft. Ik win niet vaak van hem.”  Deze woorden bleken min of meer profetisch te zijn. Joop had het hele toernooi onder zijn kunnen gespeeld. In zijn laatste partij wilde hij kost wat kost laten zien dat hij het spelletje nog niet was verleerd.

Waar bij Martin alles net niet lukte en er geen sprake was van meeval, had Joop in deze partij de wind in de zeilen en niet te klagen over Vrouwe Fortuna. Het zijn blijkbaar de ongeschreven wetten van de biljartsport: als het meezit, zit ook alles mee en als het tegenzit, zit ook alles tegen. Na 13 beurten pakte Joop zijn eerste winst in dit toernooi en ging Martin voor de derde keer onderuit. 

Succes is nooit zo interessant als strijd

Het hele weekend in Siebengewald stond in het teken van weerbaarheid en strijd. Het was vechten tegen onder andere: 

  • De concurrentie op de groene tafel.
  • De eigen immens hoog gestelde eisen.
  • De warmte in het onderkomen.
  • De muggen op het terras.
  • De verleiding van de alcoholische versnapering.
  • De heerlijke vette happen uit de keuken.
  • De teleurstelling over het behaalde resultaat.

Het is juist de geleverde strijd die cachet geeft aan het behaalde resultaat. Alle teams en alle spelers hebben het hele weekend waardig en sportief gestreden. In de biljartsport worden succes en teleurstelling bepaald door minieme verschillen in combinatie met een beetje geluk. 

Het BVC-Targa-Team heeft in het weekend geen wedstrijd als team verloren. De uitslagen waren: 

  • BVC-Targa-Team – DOS                           5-4
  • BVC-Targa-Team – Deventer ’83             5-4
  • BVC-Targa-Team – BCS                           4-4

Ongeslagen en toch geen kampioen. De eindstand na twee dagen was namelijk: 

  1. DOS                                   19 wedstrijdpunten
  2. Deventer ’83                     15 wedstrijdpunten
  3. BVC-Targa-Team               14 wedstrijdpunten
  4. BCS                                     5 wedstrijdpunten  

DOS werd dit jaar dus niet alleen bekerwinnaar maar ook landskampioen. Een prestatie om u tegen te zeggen. Een terechte kampioen, want de cijfers in de sport liegen nooit. Na het winnen van een zilveren medaille, wist het BVC-Targa-Team nu het bronzen eremetaal te veroveren.

De droom van het BVC-Team om samen een keer Nederlands kampioen te worden blijft voortduren. Het goud is nog de enige kleur die ontbreekt in de prijzenkast. De weg naar succes is een pad van verrijking door te leren van de teleurstellingen.